Tien jaar geleden las ik om de tijd te doden een willekeurig foldertje in de wachtkamer van een ggz-instelling: vrijwilligers gezocht. Huidige cliënten of mensen die minder dan twee jaar terug cliënt waren geweest, kwamen volgens de tekst niet in aanmerking om vrijwilliger te worden. Wat?! Ik wist niet wat ik las. Het feit dat je cliënt was/bent heeft toch niks te maken met geschiktheid?

Hoe anders is dat nu! In die tien jaar is de herstelondersteuning in razend tempo op komen zetten en is er meer nadruk komen te liggen op kwaliteiten en eigen kracht. In het contact met mijn behandelaren en begeleiders merk ik dat. In plaats van dat ik mijn verhaal vertel en de hulpverlener advies geeft (eenrichtingsverkeer), doen we het samen en ligt er meer nadruk op wat ik goed kan en hoe ik dat kan gebruiken om om te gaan met mijn beperkingen. Dat is heel belangrijk en fijn. Ik krijg meer vertrouwen in mezelf en ik krijg kansen die ik anders niet had gekregen. Maar in de praktijk zijn er nogal wat haken en ogen, die ik in deze blog uiteen zal zetten.

Kwaliteiten opgemerkt

Ik zie persoonlijk begeleiders van mij en andere cliënten steeds vaker de link leggen: ‘Jij kan je goed verwoorden. Misschien kun je een cursus ervaringsdeskundigheid gaan volgen.’ Of: ‘Jij kan goed fotograferen. Laten we proberen of je mag exposeren op een van de kantoren.’ Hulpverleners zien de kwaliteiten en ondersteunen om die kwaliteiten tot uiting te kunnen brengen.

Mensen worden daardoor niet meer gereduceerd tot cliënt (wat ik sowieso geen fijn woord vind), maar worden als compleet mens gezien. Met beperkingen, maar ook met kwaliteiten. Als een hulpverlener met een passend voorstel komt, verbetert dat de relatie tussen mij en de hulpverlener, want daaruit blijkt dat diegene me door en door kent en me dus ook bij problemen zal kunnen ondersteunen.

Focus op dingen die goed gaan

Het is bekend dat als je aan het einde van de dag dingen opschrijft die goed zijn gegaan, dat kan helpen je beter te voelen. Dus focus op dingen die goed gaan is belangrijk als je om een psychische reden hulpverlening krijgt. Aan de andere kant… soms heb ik geen zin om het met mijn hulpverleners te hebben over wat er goed gaat. Ik ga ook niet naar de huisarts om te vertellen wat er allemaal goed gaat. Ik wil juist werken aan de dingen die (nog) niet goed gaan en hoe ik daarin kan leren.

De scheidslijn tussen praten over kwaliteiten en bagatelliseren is heel dun. ‘Maar je kan dat toch? Dan kun je ook wel…’ Het is ontzettend belangrijk dat de hulpverlener aanvoelt wanneer het gepast is om de cliënt te wijzen op zijn kwaliteiten. Toen ik depressief was, kon ik niks over kwaliteiten horen. Ik voelde me niet gehoord in mijn moeilijkheden. De hulpverleners bleven maar aandringen op het inzetten van mijn eigen kracht, maar ik was daar nog helemaal niet klaar voor. Ik had hun hulp harder nodig dan ooit tevoren, maar ik kreeg nul op rekest en voelde me ontzettend onbegrepen.

Ik ben helemaal voor het focussen op kwaliteiten, maar de hulpverlener moet wel aanvoelen wanneer de cliënt hiervoor openstaat. Anders heeft het geen zin en kan het zelfs averechts werken.

autisme, kwaliteiten in de ggz, eigen kracht in de ggz, autisme en eigen kracht, autisme kwaliteitenBij sommige hulpverleners voelt de hele focus op kwaliteiten voor mij als een trucje dat geleerd is in een bijscholingscursus: ‘Ohja, we hebben nu zoveel problemen besproken, we moeten ook nog even aandacht besteden aan wat er wél goed gaat’, zei een hulpverlener een keer letterlijk toen de tijd bijna om was. Ik mag dan wel autisme hebben, maar de interesse moet wel echt zijn en niet geveinsd worden; anders merk ik het direct.

Empowerment

Zelf kreeg ik de kans om werkervaring op te doen op de communicatie-afdeling van een RIBW. Het was niet uitzonderlijk meer. In mijn werk kwam ik veel andere cliënten tegen die binnen kunst- en kookprojecten of als ervaringsdeskundigen werkten.

Sommige mensen blijven binnen de beschutte omgeving van de ggz zelf werken, waar er begrip is voor uitval en eigenaardigheden. Maar anderen kunnen vanuit hier doorstromen naar een betaalde functie. Ik ging na mijn werkervaringsplek bijvoorbeeld verder als ondernemer. Was ik daar ooit gekomen zonder die kans? Ik weet het niet.

Verwarring eigen regie met ‘zelf doen’

Toen het begrip eigen regie en kracht een aantal jaar terug meer aandacht kreeg, had ik het idee dat het de hulpverlening in geforceerd werd. Eigen regie staat wat mij betreft niet gelijk aan zelfstandigheid. Het kan bijvoorbeeld ook inhouden dat je op een gezonde manier hulp leert te vragen of dat je leert kiezen wat je zelf doet en wat je uitbesteedt, zodat je een gelukkig leven kan leiden (waarin weer ruimte is om krachten in te zetten).

Het is een nobel streven om mensen met een beperking te willen laten participeren in de samenleving. Maar soms kan het niet. Omdat de persoon zelf de mogelijkheden niet heeft of omdat het bedrijfsleven en de samenleving er nog niet klaar voor zijn. Je kunt iemand niet zomaar in het diepe gooien; daar is veel op maat gemaakte ondersteuning bij nodig.

De bedoeling is juist dat een cliënt zelf kan bepalen welke weg hij bewandelt en dat de hulpverlener daarin volgt. Maar in de praktijk bleek vaak dat ik ondersteund werd in iets wat ik helemaal geen prioriteit vond hebben of wat ik zelfs niet eens wilde, omdat de buitenwereld vond dat ik erin moest veranderen. Ik begrijp dat zeker wanneer het om een probleem gaat dat storend is voor de omgeving, maar in mijn geval was dat niet aan de orde.

bezuinigingen ggz, bezuinigingen zorgWat geld en bezuinigingen met dit verhaal te maken hebben

Voor zorg is geld nodig en het proces om (bijvoorbeeld) pgb-budget te krijgen is vaak slopend. Het voelt voor mij soms raar om zulke versterkende gesprekken te hebben met mijn hulpverleners, om vervolgens voor de gemeente alles op papier te moeten zetten wat er niet goed gaat. Ik kan me daar weken somber van voelen en het kan me zelfs terugzetten in mijn herstel, maar het moet.

De plannen binnen de hulpverlening zijn tegenwoordig geformuleerd in doelen, en welke kwaliteiten je in kunt zetten om die doelen te behalen. Maar voor de gemeente moet het dan weer anders geformuleerd worden, want als het allemaal zo positief geformuleerd wordt kan natuurlijk niet bepaald worden of je die zorg wel echt nodig hebt. De overheidsinstellingen lopen wat dat betreft achter bij de uitvoerende tak, terwijl juist vanuit die overheid de bepalingen komen dat er meer nadruk moet liggen op krachten.

Ook vanwege de bezuinigingen wordt de toegang tot hulp steeds nauwer. Die krachten kunnen niet zomaar ingezet worden; er is hulp bij nodig om daar te komen. Maar hoe kom je aan de geschikte hulp als het aanbod steeds kleiner wordt gemaakt, de budgetten niet meer naar eigen keus ingezet mogen worden en er over het algemeen minder geld beschikbaar is voor zorg. Hoeveel eigen regie blijft er dan nog over? Eigen kracht wordt dan een reden om de zorg af te schaffen: dat kan diegene zelf wel (met hulp van familie). Soms heb ik daarom het idee dat het alleen maar om geld gaat en dat niemand kijkt naar wat IK nodig heb.

Deel deze blog (met de knoppen hieronder)! Hopelijk komt hij dan bij zoveel mogelijk mensen terecht die iets hebben aan de informatie en ervaringen in dit artikel.